donderdag 18 juni 2015

Bij twijfel: VWO

Leerlingen die balanceren op de grens van een havo- en een vwo-advies zijn beter af op het vwo. Dat blijkt uit onderzoek naar de schoolprestaties van kinderen in Limburg. In de praktijk lijken middelbare scholen grensgevallen echter steeds minder kansen te bieden.

Het Limburgse promotieonderzoek maakt concreet wat we eigenlijk al wisten: leerlingen die worden uitgedaagd, in dit geval door een omgeving met 'slimmere' klasgenoten, zijn meer gemotiveerd en presteren beter. Dat zie je zelfs terug in hun IQ. En omdat we ook al wisten dat 'afstromen' makkelijker gaat dan 'opstromen', is het een logische strategie om je kind bij een gemengd schooladvies naar het 'hoogste' schooltype te laten gaan. Met de kanttekening dat dit alleen geldt voor de echte grensgevallen, want uitdaging is mooi, maar hij moet wel haalbaar blijven.
Lees meer

zaterdag 6 juni 2015

Minister begrijpt het niet

Minister Jet Bussemaker vindt dat middelbare scholieren na hun eindexamen te vanzelfsprekend de hoogste vorm van vervolgonderwijs kiezen. 'Wat mij stoort is dat iedereen altijd maar 'hogerop' wil', zegt de PvdA'er in een interview met de Volkskrant. 'Met een vwo-diploma wil iedereen naar de universiteit.'

Een beetje een vreemde uitspraak van de minister van Onderwijs, die zelf na het atheneum een cum laude graad in de politicologie en een promotie binnenhaalde. Nu te veel anderen dat blijkbaar ook wel willen, heeft zij last van de 'overbevolking' op de universiteiten en moet men de eisen maar wat terugschroeven. Haar uitspraak klinkt ook eigenaardig in een maatschappelijk klimaat waarin het streven naar 'hoger'en 'meer' nog steeds vooral wordt toegejuicht.

Inhoudelijk is de uitspraak van de minister niet zo gek, als je bereid bent het denken in 'hogere' en 'lagere' opleidingen los te laten. Iedereen wordt het meest gelukkig van een opleiding en een baan die bij hem/haar passen. Dat moet ons uiteindelijke streven zijn. Soms is die opleiding universitair, vaak ook niet. En dan is het jammer als we ons gedwongen voelen om toch voor het 'hoogst haalbare' te blijven gaan.